154 jeugdcriminelen terug naar huis gestuurd wegens plaatsgebrek

154 jeugdcriminelen terug naar huis gestuurd wegens plaatsgebrek

“Dit is lachen met ons rechtssysteem en creëert gevaarlijke situaties”

Het voorbije jaar werden 154 minderjarigen na het plegen van zware feiten naar huis gestuurd wegens plaatsgebrek in de jeugdgevangenis, zo blijkt uit info die Vlaams parlementslid Toon Vandeurzen opvroeg. “Jonge criminelen die ernstige feiten plegen gewoon terug de straat opsturen? Dat is de draak steken met ons rechtssysteem en in heel wat gevallen is dit ook ronduit gevaarlijk”, stelt Vandeurzen.

Uit nieuwe cijfers die Vlaams parlementslid Toon Vandeurzen opvroeg bij Vlaams minister van Justitie Zuhal Demir blijkt dat in 2025 maar liefst 154 minderjarigen na zware feiten niet konden worden opgenomen in een gemeenschapsinstelling omdat er geen plaats beschikbaar was.  “Dat is onbegrijpelijk voor elke Vlaming. Wanneer jongeren die ernstige feiten hebben gepleegd niet geplaatst kunnen worden wegens plaatsgebrek, dan spreken we niet langer over een incident maar over een systeem dat vastloopt.”, zegt hij.

Zware feiten nemen jaar na jaar toe

De cijfers tonen bovendien aan dat de problematiek van zware jeugddelinquentie jaar na jaar toeneemt. In 2025 registreerden de gemeenschapsinstellingen onder meer 154 dossiers rond dealen van drugs, 107 feiten van diefstal met geweld, 91 feiten van opzettelijke slagen en verwondingen en 65 feiten van poging tot moord of doodslag. Daarnaast gaat het ook om feiten zoals aanranding en verkrachting, bedreigingen met een wapen, brandstichting en zelfs terrorisme.[1]

Volgens Vandeurzen gaat het niet om tijdelijke pieken, maar om een structurele evolutie die zich al meerdere jaren doorzet. “Bijna alle categorieën stijgen tegenover de voorgaande jaren. Dat komt ook doordat het totale aantal plaatsingen blijft toenemen. De druk op onze gemeenschapsinstellingen wordt simpelweg onhoudbaar en de capaciteit groeit niet mee met de realiteit op het terrein.”

Tijdelijke buffercapaciteit in Beveren

Vandeurzen verwijst daarom naar eerdere voorstellen van cd&v om tijdelijke buffercapaciteit te creëren via het Vlaams Detentiecentrum in Beveren, dat lange tijd leeg stond ondanks de aanhoudende plaatsproblemen in de gemeenschapsinstellingen.[2]

“Als een jeugdrechter beslist dat een jongere moet worden geplaatst, dan moet die uitspraak ook effectief uitgevoerd worden. Vandaag zien we jongeren die gewapende overvallen of drugshandel plegen en vervolgens gewoon terug naar huis worden gestuurd omdat er nergens plaats is. Dat ondermijnt het geloof in justitie en creëert een gevoel van straffeloosheid.”

Cd&v stelt daarom opnieuw voor om het detentiecentrum tijdelijk te gebruiken voor jongeren die ernstige feiten pleegden “Het is onbegrijpelijk dat men zo aanmoddert. Cd&v heeft deze piste al verschillende keren op tafel gelegd, het is nu echt wel tijd om er werk van te maken”, voert Vandeurzen de druk op.

De oplossing ligt er voor het rapen

Daarnaast pleit Vandeurzen ervoor om niet alleen bijkomende capaciteit te voorzien, maar ook eindelijk te onderzoeken waarom Vlaanderen zoveel meer jongeren plaatst dan vergelijkbare landen.[3] “In Vlaanderen waren er vorig jaar bijna evenveel opnames in gemeenschapsinstellingen als in Nederland, terwijl daar bijna drie keer zoveel minderjarigen wonen. Dan moet je durven onderzoeken waar het probleem precies zit. Zonder inzicht in de oorzaken blijven we dweilen met de kraan open.”

De sleutel zit deels ook bij de doorstroom en uitstroom van jeugddelinquenten in en uit de gemeenschapsinstelling. Jongeren die volgens de jeugdrechter mogen uitstromen, blijven vastzitten omdat er geen plaats is in de reguliere jeugdhulp. In 2025 ging het om een capaciteit die overeenkomt met 30 trajecten van gemiddeld 4,5 maand, samen goed voor 135 maanden ‘onterechte’ vrijheidsberoving. Met andere woorden: terwijl sommige jongeren niet opgesloten geraken ondanks ernstige feiten, worden anderen net te lang opgesloten zonder juridische noodzaak.

Voor steeds meer jongeren wordt de realiteit bijzonder schrijnend: “Ik mag vrijkomen, maar ik kan nergens naartoe.” En tegelijk groeit bij politie en justitie een andere realiteit: “We arresteren jongeren, maar moeten ze opnieuw laten gaan. Zonder dringende en structurele investeringen dreigt de situatie verder te ontsporen, met ernstige gevolgen voor zowel de rechten van kwetsbare jongeren als de veiligheid van de samenleving”, besluit Vandeurzen.

[1] Vlaams Parlement, Schriftelijke vraag nr. 715 van Toon Vandeurzen aan minister Zuhal Demir over gemeenschapsinstellingen (GI’s) – instroom, doorstroom, uitstroom, 2 april 2026.

[2] Voorstel van decreet van Toon Vandeurzen, Katrien Schryvers, Brecht Warnez, An Christiaens, Peter Van Rompuy, Kris Declercq en Robrecht Bothuyne tot wijziging van het decreet van 15 februari 2019 betreffende het jeugddelinquentierecht, wat de tijdelijke plaatsing van minderjarige verdachten en veroordeelde delinquenten vanaf 16 jaar in het Vlaams detentiecentrum betreft bij plaatsgebrek in de gemeenschapsinstellingen (Parl.St. Vl.Parl. 2025-26, nr. 537/1).

[3] Conceptnota voor nieuwe regelgeving van Toon Vandeurzen, Katrien Schryvers, Kris Declercq en Peter Van Rompuy over de toenemende druk op de gemeenschapsinstellingen (Parl.St. Vl.Parl. 2024–25, nr. 451/1).

Learn how we helped 100 top brands gain success